Verslaving is niet alleen het middel – wat probeert iemand niet te voelen?
Wanneer we aan verslaving denken, denken we vaak eerst aan alcohol, drugs of gokken. We zien het gedrag: iemand drinkt te veel, gebruikt middelen, kan niet stoppen of valt steeds opnieuw terug.
Maar achter dat gedrag zit een mens.
En daarom is misschien niet alleen de vraag “Waarom stop je niet?” maar ook:
“Wat doet het middel voor jou waardoor stoppen zo moeilijk is?”
Verslaving is een complex probleem. Er bestaat niet één oorzaak. Biologische aanleg, hersenprocessen, persoonlijkheid, omgeving, stress, psychische problemen en ingrijpende levenservaringen kunnen allemaal bijdragen aan het ontstaan en voortbestaan van een verslaving.
Voor sommige mensen krijgt alcohol, drugs of ander dwangmatig gedrag daarnaast een functie: het helpt tijdelijk om iets niet, minder of anders te voelen.
Verdoven wat te pijnlijk voelt
Verdriet. Angst. Onrust. Eenzaamheid. Schuld. Schaamte. Boosheid. Herinneringen. Een gevoel van leegte.
Soms is het simpelweg te veel.
Een middel kan dan tijdelijk rust geven. Gedachten worden stiller, spanning neemt af en emoties lijken even verder weg.
Dat betekent niet dat iedere verslaving het gevolg is van trauma of verdriet. Daarvoor is verslaving veel te complex. Wetenschappelijk onderzoek laat wél zien dat chronische stress, traumatische ervaringen en andere psychische problemen risicofactoren kunnen zijn voor zowel middelenproblematiek als andere psychische aandoeningen.
Wat in eerste instantie verlichting geeft, kan tegelijkertijd een nieuw probleem worden.
Het brein leert namelijk.
Dit geeft verlichting. Dit wil ik opnieuw.
En juist daarin kan een patroon ontstaan dat steeds moeilijker te doorbreken is.
Verslaving is geen gebrek aan wilskracht
Een veelvoorkomend misverstand is dat iemand met een verslaving simpelweg sterker zou moeten zijn.
“Stop er dan gewoon mee.”
Maar bij een ernstige middelenverslaving zijn processen betrokken die samenhangen met onder andere beloning, motivatie, stress, impulscontrole en besluitvorming. Langdurig middelengebruik kan deze systemen beïnvloeden. Daarom kan iemand rationeel heel goed weten dat het gebruik zijn gezondheid, relaties of toekomst beschadigt en tóch een enorme drang ervaren om opnieuw te gebruiken.
Dat maakt verantwoordelijkheid niet onbelangrijk.
Herstel vraagt juist dat iemand verantwoordelijkheid leert nemen voor keuzes en gedrag.
Maar verantwoordelijkheid is iets anders dan veroordeling.
Schaamte zegt: “Ik ben verkeerd.”
Verantwoordelijkheid zegt: “Dit gedrag beschadigt mij en anderen en ik kan leren om andere keuzes te maken.”
Dat verschil kan belangrijk zijn in herstel.
Als rouw en verslaving elkaar ontmoeten
Rouw en middelengebruik kunnen elkaar eveneens raken.
Na het overlijden van iemand van wie je houdt kan de pijn overweldigend zijn. Sommige mensen zoeken afleiding in werk, anderen trekken zich terug, en weer anderen merken dat alcohol of drugs tijdelijk helpt om niet voortdurend te hoeven voelen.
Onderzoek naar jonge volwassenen die een plotseling verlies hadden meegemaakt liet zien dat ongeveer een derde op enig moment na het verlies meer alcohol was gaan gebruiken. Mensen die iemand verloren door zelfdoding of een andere onnatuurlijke dood rapporteerden vaker een toename van middelengebruik dan mensen die iemand plotseling door een natuurlijke oorzaak verloren. Tegelijkertijd gold dit nadrukkelijk níét voor iedereen.
Een systematische review vond bovendien een relatie tussen problematisch middelengebruik en gecompliceerde of langdurige rouw. De onderzoekers benadrukken dat deze relatie twee kanten op kan werken: bestaande middelenproblematiek kan het rouwproces bemoeilijken, terwijl ernstige aanhoudende rouw ook gepaard kan gaan met toenemend alcohol- of middelengebruik.
Recent onderzoek wijst eveneens op het belang van aandacht voor alcoholgebruik na verlies en op mogelijkheden om rouwbehandeling en ondersteuning bij alcoholproblematiek beter met elkaar te verbinden.
Dat betekent niet dat verdriet automatisch tot verslaving leidt.
Het betekent wel dat we bij iemand die worstelt met middelengebruik soms óók moeten vragen:
“Wat is er gebeurd voordat het gebruik belangrijk voor je werd?”
Rouw na zelfdoding
Na zelfdoding kan rouw extra ingewikkeld zijn.
Naast het gemis kunnen er vragen ontstaan waarop nooit meer een volledig antwoord komt.
Waarom heb ik het niet gezien?
Had ik iets kunnen veranderen?
Waarom heeft hij of zij mij dit niet verteld?
Waarom was mijn liefde niet genoeg?
Wat als ik die ene dag iets anders had gedaan?
Schuldgevoel, machteloosheid, boosheid, liefde en intens gemis kunnen voortdurend door elkaar lopen.
Onderzoek onder mensen die iemand door zelfdoding verloren laat zien dat sommigen alcohol of drugs gebruiken als manier om met deze gevoelens om te gaan. Onderzoekers benadrukken daarom juist het belang van een niet-veroordelende benadering en aandacht voor de functie die het gebruik op dat moment heeft.
Niet omdat middelengebruik daarmee onschuldig wordt.
Maar omdat begrijpen waarom iemand iets doet vaak noodzakelijk is voordat verandering mogelijk wordt.
Psychische problemen en verslaving kunnen naast elkaar bestaan
Depressie, angst, traumaklachten, suïcidale gedachten en verslavingsproblematiek kunnen tegelijkertijd voorkomen.
Dat wordt ook wel comorbiditeit of co-occurring disorders genoemd.
SAMHSA benadrukt dat psychische aandoeningen en middelenproblematiek elkaar kunnen beïnvloeden en gemeenschappelijke risicofactoren kunnen hebben, zoals genetische kwetsbaarheid, veranderingen in hersenprocessen, stress en trauma. Wanneer beide aanwezig zijn, verdient geïntegreerde behandeling daarom de voorkeur boven het afzonderlijk behandelen van slechts één probleem.
Ook de WHO beschrijft duidelijke verbanden tussen schadelijk alcoholgebruik en onder andere depressie, angst, zelfbeschadiging en suïcidaal gedrag, waarbij oorzaak en gevolg niet altijd eenvoudig van elkaar te scheiden zijn.
Daarom is alleen zeggen “Je moet stoppen met gebruiken” soms onvoldoende.
Er moet ook aandacht zijn voor wat er overblijft wanneer iemand stopt.
Want wat gebeurt er als de verdoving verdwijnt?
Dat is een belangrijk onderdeel van herstel.
Als alcohol, drugs of ander dwangmatig gedrag lange tijd een manier is geweest om emoties te reguleren, kunnen gevoelens na het stoppen juist sterker naar voren komen.
Dan begint herstel niet alleen met iets niet meer doen.
Het gaat ook over iets nieuws leren:
- verdriet verdragen zonder ervoor weg te hoeven;
- spanning herkennen voordat deze ondraaglijk wordt;
- grenzen aangeven;
- hulp vragen;
- een dagstructuur opbouwen;
- relaties herstellen waar dat mogelijk is;
- leren omgaan met schuld en schaamte;
- ontdekken wie je bent zonder het middel.
En soms letterlijk opnieuw leren leven.
Van “wat is er mis met jou?” naar “wat heb jij nodig?”
Binnen counseling en psychosociale begeleiding kan daarom ruimte zijn om te onderzoeken welke functie middelen of bepaald gedrag hebben gekregen.
Niet door verslaving goed te praten, maar juist door verder te kijken dan alleen het zichtbare gedrag.
Vragen kunnen bijvoorbeeld zijn:
- Wanneer ontstaat de sterkste behoefte om te gebruiken?
- Welke gevoelens gaan eraan vooraf?
- Waar geeft het middel tijdelijk verlichting van?
- Welke situaties vormen een risico op terugval?
- Wat helpt om spanning op een andere manier te reguleren?
- Welke mensen kunnen steun bieden?
- Welke verliezen of ervaringen zijn nog onvoldoende verwerkt?
- Welke waarden en doelen wil iemand terugbrengen in zijn leven?
- Hoe kan herstel betekenis krijgen, in plaats van alleen “niet gebruiken”?
Herstel is meer dan abstinent zijn
Stoppen met een middel kan een essentieel onderdeel van herstel zijn, maar herstel kan veel breder zijn.
Herstel kan ook betekenen: weer verbinding ervaren.
Met jezelf. Met je lichaam. Met andere mensen. Met je toekomst.
En met een leven waarvan je op een bepaald moment misschien dacht dat het niet meer voor jou was weggelegd.
Professionele verslavingszorg kan daarbij noodzakelijk zijn. Zeker bij lichamelijke afhankelijkheid, ernstige psychiatrische problematiek, zelfbeschadiging of suïcidaliteit is gespecialiseerde medische en/of GGZ-behandeling belangrijk.
Counseling, rouwbegeleiding en herstelondersteuning kunnen daar vervolgens naast staan en aandacht geven aan de mens achter de symptomen.
Ook de naasten dragen de gevolgen
Verslaving raakt zelden één persoon.
Partners, ouders, kinderen, broers en zussen kunnen jarenlang meegezogen worden in zorgen, hoop, teleurstelling, boosheid en angst.
Je wilt iemand redden. Je maakt afspraken. Je vertrouwt opnieuw. Je controleert. Je wordt boos. Je helpt opnieuw.
En ondertussen kun je jezelf langzaam kwijtraken.
Ook naasten hebben daarom ondersteuning nodig.
Soms betekent liefde nabij blijven.
Soms betekent liefde juist een grens trekken.
En vrijwel altijd betekent het leren erkennen dat je een ander niet kunt dwingen om te herstellen.
Er is leven na verslaving
Terugkijkend naar iemand die midden in een verslaving zit, kan herstel onvoorstelbaar ver weg lijken.
Maar mensen herstellen.
SAMHSA benadrukt dat middelenstoornissen behandelbaar zijn en dat veel mensen herstellen.
Herstel verloopt niet voor iedereen in een rechte lijn. Een terugval hoeft niet te betekenen dat alles verloren is, maar kan een signaal zijn dat bescherming, behandeling of copingstrategieën opnieuw moeten worden aangepast.
Daarom kijk ik liever niet alleen naar “Hoe krijgen we het middel weg?” maar ook naar:
“Hoe bouwen we een leven waarin iemand steeds minder hoeft te vluchten?”
Want uiteindelijk gaat herstel niet alleen over afscheid nemen van een verslaving.
Het gaat over opnieuw leren voelen, verbinden, vertrouwen en leven.
Begeleiding bij verslaving, herstel en verlies
Binnen Bloemige Zon Therapie “Enzo” is er ruimte voor counseling en psychosociale begeleiding bij verslaving en herstel, bij rouw en verslaving en voor naasten van iemand met een verslaving.
De begeleiding is aanvullend en vervangt geen specialistische verslavingszorg, psychiatrische behandeling of medische behandeling wanneer deze noodzakelijk is.
Bij lichamelijke afhankelijkheid, acute psychiatrische problematiek, zelfbeschadiging of suïcidaliteit wordt altijd gekeken welke gespecialiseerde professionele zorg nodig is.
Lees ook
Deze blog is bedoeld als algemene voorlichting en vervangt geen medische, psychologische of psychiatrische diagnostiek of behandeling.
Denk je aan zelfdoding of maak je je zorgen om iemand?
Blijf er niet alleen mee rondlopen. Bespreek het met iemand die je vertrouwt, met je huisarts of met een andere professionele hulpverlener. Je kunt 24 uur per dag anoniem contact opnemen met 113 Zelfmoordpreventie via telefoonnummer 113 of via de chat op 113.nl. Bij direct levensgevaar bel je 112.